Het is mijn schuld niet…

Vanaf het begin van de mensheid wordt de schuld op een ander afgeschoven. Dit vermogen om de verantwoordelijkheid via de schuld te omzeilen zorgt voor een tijdelijk gemak. Adam had het excuus dat Eva hem de verboden vrucht had gegeven, en dus at hij er van (Gen. 3,12). Eva’s rechtvaardiging voor haar ongehoorzaamheid was dat de slang haar verleid had (Gen. 3,13). 

 

Het internet is ondertussen niet meer weg te denken en de nieuwe vormen van communicatie zijn enorm geworden. Maar een van de nadelen is ongetwijfeld ook het gemak waarmee via deze media de verantwoordelijkheid voor het minste op een andere groep of persoon wordt afgeschoven. Men noemt dit vandaag publieke blaming-and-shaming. Het is ongelooflijk dat men via de pers iemand kan zwart maken of beschuldigen, soms om zijn eigen schuld te minimaliseren of toe te dekken. Het huidige medialandschap gebruikt gretig kleine problemen om die uit te vergroten en meer aandacht te geven. Vervolgens zorgt dit voor emotionele reacties, er ontstaan slachtofferrollen en er wordt aandacht en sympathie gecreëerd. Op die manier ontstaat er morele verontwaardiging waarin je wordt meegezogen. 

Discussies worden op die manier in het leven gehouden en keren soms bijna jaarlijks terug. Het gaat dan over de pieten van de Sint en of die nu zwart mogen zijn en of de Sint nog een kruis op zijn mijter mag dragen. Of dat er rond deze tijd bladeren van de bomen vallen en dat het ongehoord is dat men dit moet opruimen. Mag er nog een kerststal worden gezet en is een kerstboom een provocatie?

Het gevoel dat men verbolgen mag zijn en aandacht moet krijgen wordt soms al te sterk gestimuleerd. Tegelijk wordt de aandacht soms weggetrokken van echte slachtoffers.

In de brief aan de Romeinen is het vertrekpunt niet de media-aandacht of de ander, maar God. Het excuus, omzeilen en afschuiven wordt weg gefluisterd in de woorden: ‘elk van ons zal rekenschap moeten afleggen van zichzelf tegenover God’ (Rom. 14,12). Wat onze excuses ook mogen zijn, tegenover mogen we rekenschap afleggen waarom we iets wel hebben gedaan of hebben nagelaten te doen. 

 

Laten we bidden dat we steeds de juiste keuze maken, onze verantwoodelijkheid durven nemen en niets afschuiven op een ander.

En laten we ons uitgenodigd weten met psalm 62,12: ‘Ook bent U, God, liefdevol en goed. U die vergeldt wat ieder doet,bepaalt van elke daad de waarde.’ 

 

Geert C. LEENKNEGT, priester

 

- dit artikel werd gepubliceerd in Kerk en Leven Lebbeke, Week: 47 (nummer van Woensdag 21 november 2018) -