Martinus van Tours in Denderbelle

Op woensdag 7 november 2018 mochten we genieten van een lezing door Patrick Lateur, Martinusdeskundige, die ons kwam vertellen over het leven en de legende van Sint-Martinus. Gebaseerd op de hagiografie of heiligenleven van Sulpicius Severus, Vita Martini, kregen we een inleiding die veeleer aandacht had voor wie hij was en zijn tocht doorheen Europa met zijn impact op de plaatselijke bevolking. Lateur weerhield zich om in te gaan op wonderen of de volkscultuur en kon daardoor een goeie schets brengen van het leven van Martinus of zoals hij bij ons bekend is: St.-Maarten.

 

Hij werd rond 316 geboren in Hongarije als zoon van Romeinse ouders. Als 15-jarige trok hij als soldaat naar Gallië, waar hij bij een stadspoort van Amiens een bedelaar zag, aan wie hij de helft van zijn mantel gaf. Martinus wordt steevast afgebeeld op een paard. Lateur wijst er ons op ‘In de vita is er geen sprake van een paard. Er staat daar duidelijk: Zo kwam hij eens bij de stadspoort van Amiens een arme tegen. Hij was naakt. Martinus had niets anders bij zich dan zijn wapens en zijn gewone soldatenmantel. Zo begint het relaas. Maar een lid van de keizerlijke lijfwacht moet wel een ruiter zijn geweest, zullen de kunstenaars hebben gedacht’.

Op 19-jarige leeftijd werd hij duiveluitdrijver en leefde enige tijd als kluizenaar op een eiland bij Genua. Hij stichtte een klooster Ligugé bij Poitiers en werd in 371 door de bevolking van Tours gekozen tot bisschop. Als bisschop zette hij zich in voor de verdere verspreiding van het christendom. Hij stichtte kerken en rond 375 de bekende Abdij van Marmoutier. 

In 397 stierf Maarten aan koortsen. Hij was toen ongeveer tachtig jaar oud. Hij werd op 11 november begraven in de basiliek van Tours. Al gauw na zijn dood kwam de verering op gang en in de 7e eeuw werd er een nieuwe basiliek aan hem gewijd.

 

Voor Patrick Lateur is Martinus, naast de folklore en bron van kindervreugde, ‘samen met Augustinus, Benedictus en Franciscus een van de reuzen van het westers christendom’. En hij is de oudste en spijtig genoeg de minst gekende.

 

De samenwerking met de St.-Martinusgilde, Kerkfabriek, KSA St.-Martinus Denderbelle, de Bellekantorij en bibliotheek Lebbeke maakten de lezing tot een geslaagd initiatief met veel volk. 

En tot ieders verwachting, voor sommigen verrassing, kwam St.-Maarten ook zelf op bezoek met voor iedereen, ook hier weer tot verrassing van sommigen, een speculoos.

 

Dankjewel ‘Sjinte Merten’…

 

Geert C. Leenknegt, priester

 

- dit artikel werd gepubliceerd in Kerk en Leven Lebbeke, Week: 46 (nummer van Woensdag 14 november 2018) -